• Weetjes

Ken je deze volkslegende over de Sint-Romboutstoren al?

Weetjes |

Dat we als Mechelaars onze bijnaam te danken hebben aan de toren, dat weet je ongetwijfeld al wel. Maar wist je dat we ook een heel andere bijnaam hadden kunnen krijgen? Naast het blussen van de maan op de toren, hebben vroegere Mechelaars de toren – volgens legende – namelijk ook proberen verschuiven.

De vertelling gaat dat, toen de Sint-Romboutstoren gebouwd was, de Mechelaars vaststelden dat de kerk niet op haar plaats stond. Aangezien ze al gebouwd was, was volgens hen de enige logische optie om ze dan maar te verschuiven. Zo gezegd, zo gedaan. Alle metsers plaatsten zich aan één kant en duwden samen tegen de toren.

Eén van deze grote lichten bemerkte na een tijdje dat ze eigenlijk wel een manier nodig hadden om te zien hoever ze de toren nu eigenlijk verschoven hadden. "Wacht," zei hij, "Ik leg mijne frak aan de andere kant. Dan kunnen we zien hoe’t zit.” Terwijl de metsers ijverig tegen de toren bleven duwen, had een bedelaar de jas opgemerkt en… meegenomen. En wanneer de metser wederom ging kijken hoever de toren al verschoven was, riep hij naar z’n kameraden: "Stopt al maar, mannen, stopt! Mijne frak zital onder de toren!"

Ik ben alleszins blij dat het de legende van de maneblussers is die is blijven plakken als bijnaam. Stel je voor dat we gekend zouden staan als de “torenduwers”… 😂

Foto © Regionale Beeldbank